Boek/-1624043502

Op een mooie maandagmorgen stak Raviola de Heks haar lange steekneus buiten de deur.

Voor de poort stond Arthur de Draak sissend en puffend vlammen te spuwen, maar verder was alles rustig.

Niemand om mee te babbelen.

Dan maar weer toverspreuken breien.

Tot ze onder het stof van haar kristallen bol een jongen en een meisje ontdekte, die stonden te babbelen en te lachen.

Er op af!