Doezel, een sokpop 'die echt leeft' mag van zijn eigenares Maaike een nacht alleen in een tent slapen. Als het er op aan komt, is Doezel wel bang, vooral voor Nork, de dromenstrooier. Maar Maaike stelt hem gerust. Bovendien is Schaap in de buurt. Toch komt Nork nare dromen strooien uit zijn zwarte strooibus. Doezel droomt van een angstaanjagend monster dat tussen de struiken zit. Monster blijkt niet langer een lelijke droomfiguur van Nork te willen zijn. Doezel besluit hem te helpen. Samen gaan ze er op uit om Nork te vangen. Dat lukt en Nork moet beloven dat Monster mooi wordt. Dat doet hij. Met behulp van zijn witte strooibus bezorgt hij Doezel en Monster een mooie droom. Monster gaat er op slag aardiger uitzien. Maar als Doezel 's morgens wakker wordt is Monster verdwenen. Doezel beseft dat hij weer gedroomd heeft.
