Boek/11276
Voor Niels is de tijd aangebroken omgetoverd te worden in een gewone jongen op voorwaarde dat hij zijn vriend, de ganzerik, bij zijn ouders thuisbrengt (waar deze als hapje voor de feestdagen moet dienen). Wanneer Niels, thuisgekomen, merkt dat hij veranderd is, verkeert zijn verdriet in vreugde als ook zijn vriend mag blijven leven.
