Boek/1443955082

Uit de geheimzinnige klossen en segmenten die door de Terranen en hun bondgenoten uit de Grote Leemte zijn meegebracht naar de Melkweg, zijn bij experimenten op de maan Titan, op de planeet Haloet en op enkele ruimteschepen in de Melkweg de zogenaamde kloswezens ontstaan. In het begin, 1212 van de Nieuwe Galactische Tijdrekening, waren er vijftien en deze zorgden voor heel wat opschudding. Kloswezen Nummer Een, het enige met het uiterlijk van een Haloeter, stierf bij gevechten, en de andere veertien, allemaal met het uiterlijk van een Terraan of Terraanse, probeerden op verschillende planeten in de Melkweg hun eigen plannen te verwezenlijken. Al deze wezens hebben een onstilbare nieuwsgierigheid, een bewonderenswaardige intelligentie en een ongelooflijke lichamelijke kracht. Ze schijnen een geheimzinnig programma uit te voeren waarvan tot nu toe geen Galaxer iets heeft begrepen. Wat vaststaat is dat dit 'programma' rechtstreeks in verband staat met de Grote Leemte en met het 'Grootste Kosmische Raadsel', zeer waarschijnlijk ook met de gebeurtenissen die twee miljoen jaar geleden de Grote Leemte en de omgeving ervan in gevaar hebben gebracht. Nadat de kloswezens enige tijd actief waren geweest op Mars, ontdekten de Terranen in de grond van de rode planeet een Quidor-symbool: het embleem van oeroude machten bij de rand van de Grote Leemte. En dan landden de kloswezens op de maan van de Aarde; ze bezetten de supersyntron NATHAN en veroorzaken wanorde in het Solstelsel. Het komt tot een beslissing op de maan.