Boek/2648

Ongeveer 120 jaar na de dag, waarop de Aarde en de maan, na een sprong door de zonnen-overbrenger, in de wereldruimte zijn verdwaald, is de mensheid versplinterd. De Terranen, die samen met de Aarde in de Maalstroom terecht zijn gekomen, zijn aangetast door de afilie: ze zijn gedoemd te leven zonder liefde. Het lot van Perry Rhodan, die wordt afgezet als opperregent en die met het enorme ruimteschip de Sol de eigen melkweg probeert te bereiken, is onzeker. Dat geldt ook voor de mensen, die in het zonnestelsel zijn achtergebleven. Ze worden onderdrukt door Laren en Zeer Gewichtigen. Alleen met de mensen, die onder leiding van Atlan en Tifflor naar de Provcon-vuist het 'Nieuwe Einsteinse Imperium' hebben opgebouwd, schijnt het goed te gaan. Toch willen ze de strijd tegen de Laren voortzetten en een van de manieren waarop ze dat doen, is het stichten van de kolonie van de Cyborgs...