Jan Smits behaalt in Amerika grote zwemsuccessen en het Nederlands Olympisch comité wil hem uitnodigen tot deelname aan de Olympische Spelen. Dan blijkt echter, dat Ir. Smits, Jans vader, in het geheim het Amerikaans staatsburgerschap heeft aangevraagd. Waarom? vraagt jan zich verbitterd af. De sportpers wijdt een lang artikel aan de jonge 'vliegende Hollander', zoals ze Jan noemen. Maar ook anderen hebben belangstelling voor deze zaak. Spionnen van een vreemde mogendheid interesseren zich er ook voor, waarom Ir. Smits plotseling zoveel haast had om Amerikaan te worden en zij komen er achter, dat de ingenieur een beslissende rol zal spelen bij de aanstaande landing van een mens op de maan. Eenmaal proberen ze hem te ontvoeren. Jan slaagt er dan in op heldhaftige wijze zijn vader van de verdrinkingsdood te redden. Daarna vindt de tocht naar de maan plaats, die eindigt met een dramatische botsing van het ruimtevaartuig, de Luna I, met een onbekend voorwerp: een meteoriet? Een raket? Alles wordt in het werk gesteld om de ongelukkige ruimtevaarders te redden. Bij de commandant van de Luna lukt het, maar Ir. Smits weigert het ten ondergang gedoemde vaartuig te verlaten. Half bewusteloos meent hij, dat zijn redders spionnen zijn, die zijn dood willen. Steeds roept hij over de radio Jan om hulp, maar niemand durft de jongen verlof te geven, om zijn vader te hulp te komen. Dat kan toch niet, een jongen van ruim 15 jaar de ruimte insturen! Ondertussen verstrijken de minuten. Spoedig zal de Luna verbranden en met het vaartuig de ingenieur. In deze spannende ogenblikken moet de president van Amerika zijn moeilijkste beslissing nemen. Jan, gesteund door een ploeg van de beste ruimtevaarders, begint dan aan zijn reddingstocht. De hele wereld volgt over de televisie deze dappere jongen.
