Boek/5610

De tweeling Pluuk en Ton gaan op verzoek van hun ouders mee naar een expositie van oude culturen in het Stadsmuseum. Terwijl hun ouders vol aandacht in het museum ronddwalen, negeren Pluuk en Ton alle oudheidkundige voorwerpen. Zij nemen een deur waar duidelijk een bordje 'Verboden Toegang' boven hangt. Op de donkere zolder van het museum ontmoeten ze een vreemdeling wiens blauwe ogen een wijsheid van eeuwen uitstraalt. Na even met de tweeling te hebben gesproken verdwijnt de man weer even geruisloos zoals hij gekomen is. Op de plaats waar hij stond vindt Pluuk een kettinkje met een steeds opnieuw oplichtende parel. De hanger blijkt het symbool van het verdwenen werelddeel Atlantis te zijn. De tweeling gaat op zoek. Na veel avonturen vinden zij bij Gibraltar de ingang van Atlantis. Daar ontmoeten ze Ariantus, de geheimzinnige man van de museumzolder en zijn vrouw Dinitia. Zij maken de tweeling deelgenoot van het geheim van Atlantis. De opdringende zee die tegen de onzichtbare muren van Atlantis botst dreigt namelijk een einde aan het verzonken eiland te maken. Tenzij de, in de geschiedenis van Atlantis beschreven, voorspelling uitkomt: 'Op het einde zal het water door de muren storten, tenzij twee kinderen uit een andere wereld Atlantis bereiken'. Maar of het de tweeling lukt om Atlantis van de ondergang te redden...