Boek/6593

Toen een deltaplan werd ontworpen, waarbij de zeearmen zouden worden afgesloten, sloeg de zee in 1953 woedend toe. Zij doorbrak de dijken, overstroomde het land en maakte veel slachtoffers. In datzelfde jaar, met Kerstmis, wilde de zee nogmaals haar gramschap tonen, stuwde het water weer naar gevaarlijke hoogte, maar bedacht zich op het laatste moment en besloot van tactiek te veranderen. Zij had immers alle tijd... Met haar mysterieuze macht trekt zij Sven de ziener naar zich toe en doet hem wonen in de duinstreek langs de zee, vlakbij een dorpje. Aan hem zal zij de toekomst ontsluieren, indien de mensen in hun hoogmoed menen haar te kunnen trotseren. Sven kan zijn gave niet lang voor de bevolking verborgen houden. Het vervult de mensen met angst als hij op straat schijnbaar staat te praten met mensen die reeds enige tijd geleden gestorven zijn. De bevolking neemt steeds verder afstand van Sven, omdat allerlei vreemde gebeurtenissen in het dorp regelrecht met de ziener verband lijken te houden. Bij iedere nieuw afgesloten zeearm geeft de zee steeds dringender waarschuwingen via Sven door. Nog één zeearm is open en met wanhoop denkt Sven aan de gevolgen als ook deze afgesloten wordt. Sven waarschuwt, maar de mensen lachen hem uit. Hij is bang, doodsbang voor wat hij in de toekomst ziet...