Dat Fred en ik meemochten naar Noorwegen, was alleen omdat de reis van oom George dan heel gewoon en onschuldig zou lijken, naar achteraf bleek. Dat was natuurliijk slim bedacht van oom George, maar hij kon natuurlijk ook niet weten dat wij onmiddelijk verwikkeld zouden raken in de sinistere gebeurtenissen die zouden plaatsvinden in de ingewanden van een grote berg langs een van de fjorden. We waren nog niet in Noorwegen, toen er al iets vreemds gebeurde. En daarna raakten we met een razende vaart steeds dieper in de narigheid. Voor het eerst van ons leven stonden we op de ski's, maar toen we met raceboten en een ondergrondse monorail verstoppertje speelden met de gevaarlijkste schurken die je je maar bedenken kunt, vonden we skiën niet gevaarlijker meer dan sneeuwballen gooien. En oom George? Die was maar wat blij dat hij ons meegenomen had, al zal hij dat natuurlijk nooit toegeven.
