Op de grote kaai van de drukke havenstad Liverpool stond die heldere zomermiddag een dichte menigte samengedrumd. Alhoewel zo iets vaak gebeurt in grote havens, scheen er hier toch een grote gebeurtenis op handen te zijn. Al die mensen keken geestdriftig naar een mooi, rank zeilschip dat statig de haven naderde. Wie niet wist wat er gaande was, zou het spoedig weten want de kleinste bengel van Liverpool zou hem zeggen: "Weet u het niet, mijnheer? Het is kapitein Caras die terugkomt. Na een afwezigheid van drie jaar keert hij, met roem overladen, weer. Kapitein Caras is de schrik der zeerovers, mijnheer. Hij heeft Adel-Kim verslagen, de geduchtste en wreedste piraat die ooit de Britse zeevaartwegen onveilig maakte, derig van onze mooiste koopvaardijschepen kaapte en de bemaningen op de slavenmarkten verkocht." ...
