Hugo de Ridder situeert zijn nieuwste boek, Nazaad. Een verhaal over morgen, in 2010 en confronteert de lezer met de onvermijdelijke gevolgen van de maatschappelijke keuzes die vandaag worden gemaakt. De auteur beschrijft hoe ingevolge snelle, onbeheersbare evoluties, onder meer in de elektronica, de westerling zich steeds meet afschermt van de vijandige buitenwereld, een eigen virtuele realiteit opbouwt en het engagement vervangt door toeschouwen. De hoofdpersoon, commentator Paul Rankriet, roept in een postuum geschrift screenagers aller landen op tot een revolutionaire daad om de buitenwereld opnieuw in harmonie te brengen met de binnenwereld van de mens. Zijn zusterziel Ellen wil dit geestelijk testament na zijn dood ten uitvoer leggen. Zoals gewoonlijk bedient de auteur zich van trendsettende nieuwe termen. Nazaad bestrijkt onder meer het gezin (stamboom wordt bonenstaak), de politiek (Hamletburgers in een stoomfluitdemocratie), de samenleving (digioten versus bange Eurorenteniers), de geheime spermabanken (brief aan nazaad).
