Persoon/1653
Geboren in Grouw, was een van vier broers en waarschijnlijk wel de geniaalste. Hij werd te Leeuwarden op de Franse en Latijnse school gedaan en studeerde godgeleerdheid in Amsterdam (1807-1812). Werd in 1813 Doopsgezind predikant te Bolsward en daarna in Deventer (1822). Hij was een geleerde die niet alleen onderzoekingen verrichtte op het gebied van het Oud-fries, Oudengels en Oudscandinavisch, maar ook interessante letterkundige opstellen naliet. Hij schreef over de 17de-eeuwse Friese dichter Gysbert Japicx, vertaalde het evangelie van Matheus in het Fries en werkte als grondig filoloog lange jaren aan een woordenboek van de Friese taal. Overleden in Deventer.
