Liet Kombrink is een Nederlandse vertaler en kinderboekenschrijver. Als kind was ze een dromer. Ze fantaseerde graag en toen ze eenmaal had leren lezen en schrijven schreef ze haar eerste verhaaltjes al. Maar schrijver willen worden kwam niet in haar op, dat werd in die tijd echt niet gezien als een serieus beroep.
Ze vond en vind het heerlijk om met kinderen bezig te zijn en daarom wilde ze graag kleuterleidster worden, zoals dat in die tijd nog heette. Dat werd haar echter sterk afgeraden, want de opleidingen zaten overvol en ze zou nooit aan werk komen. Naar die ‘wijze raad’ heeft ze, als zestienjarige in lastige omstandigheden, geluisterd. Omdat ze niets anders wist, is ze haar oom op kantoor gaan helpen. Hij had een fabriek en kon moeilijk aan kantoorpersoneel komen. Zo belandde ze in kantoorwerk, iets waar absoluut haar hart niet lag.
Toen ze trouwde en kinderen kreeg, vond ze na een paar jaar vertaalwerk, en ze heeft zo'n dertig jaar eenvoudige romannetjes vertaald uit het Duits. Dat had veel met schrijven te maken, was goed te combineren met een gezin en ze vond het heel leuk om te doen. Haar droom was en bleef echter een kinderboek maken.
Pas nu ze ouder is, heeft ze de tijd en de rust om te schrijven en — niet onbelangrijk — ze kreeg een paar mooie vertaalopdrachten die haar financieel in staat stelden om prachtige illustraties te laten maken, en illustraties vind ze essentieel voor een boek voor kinderen. Ze is op zoek gegaan naar een illustrator, en over het werk van Susanne Kolster was ze meteen heel enthousiast. Opa Daantje doet het niet meer was voor hun allebei het eerste boek en het was een heel avontuur. Ze hadden de smaak goed te pakken, en Roef en oma volgde.
