Persoon/9342372

Geboren te Haarlem, Noord-Holland. Jan Pieter Kal is een Nederlands dichter. Hij is vooral bekend van zijn vele sonnetten. Gerrit Komrij noemde hem een natuurtalent. Hij groeide op in Haarlem, maar verhuisde naar Amsterdam voor een studie medicijnen. Aan studeren kwam hij niet toe door een alles overheersende liefde, maar die bracht hem wel tot het schrijven van sonnetten. Jan Kal kan van weinig poëzie maken. Hij heeft een eigen spontane, weemoedige toon, waarin ook zijn humor een plaats kan vinden. Kal debuteerde in 1974 met de bundel Fietsen op de Mont Ventoux. In Assepoester (1981) bewerkte hij het bekende sprookje tot sonnetten, zoals hij ook Chinese poëzie adapteerde in Chinese sonnetten (1984). Zijn jongste bundel heet Hun zeggen naar het titelgedicht over Johan Cruijff en bevat 60 sonnetten. In 1997 verscheen, ter gelegenheid van Kal's vijftigste verjaardag, de verzamelbundel 1000 sonnetten 1966-1996, bij uitgeverij Nijgh & Van Ditmar. Kal beschouwde het als een eer om op zijn vijftigste een verzamelbundel te krijgen – "en nog wel bij een uitgeverij die ook de grote Slauerhoff uitgeeft, da's niet niks."

Het boek, dat 1248 pagina's telt, bevat niet alleen de duizend (en één) sonnetten, gerangschikt in een aantal "hoofdstukken", maar bevat ook een aantal registers, die samen bijna 100 pagina's in beslag nemen. Daarin vindt men bijvoorbeeld verschillende chronologisch overzichten, een overzicht van de frequentie van sonnetten in bloemlezingen, een namenregister, maar ook een overzicht van sonnetten met Bijbelteksten en een overzicht van Bijbelplaatsen. In Laat ons leven en minnen (2000) bezorgde Kal een vertaling van de Romeinse liefdesgedichten van Gaius Valerius Catullus.