Geboren te Milaan. Na zijn studies aan de Academie voor Beeldende Kunsten van Milaan begon Dino Attanasio in de jaren veertig te werken in illustratie en animatie. Hij verhuisde in 1948 naar België met zijn broer Gianni, ook een kunstenaar. Kort na zijn aankomst kwam de jonge kunstenaar in contact met het tijdschrift Kuifje, waarvoor hij enkele illustraties tekende, en besloot zich aan strips te wijden. In de jaren 1950 publiceerde hij ‘Criche e Croc’ in het Italiaanse tijdschrift Il Giornalino en Fanfan et Polo in La Libre Belgique met scripts van Jean-Michel Charlier en vervolgens René Goscinny. In die tijd werkte hij ook voor Robbedoes magazine met enkele bijdragen aan ‘Les Belles Histoires de l'Oncle Paul’. In 1954 publiceerde hij ‘Patis et Dynamite’ samen met Greg. Hij werd populair in de late jaren 1950 en 1960 dankzij ‘De avonturen van Signor Spaghetti’, een stripreeks die hij creëerde met Goscinny, gepubliceerd in Kuifje na 1957. Van 1959 à 1962 publiceerde hij in Femmes d'aujourd'hui de stripreeksversie van ‘Les Aventures de Bob Morane’, een reeks romans geschreven door Henri Vernes en waarvoor hij enkele illustraties en kunstomslagen maakte in de Marabout Junior-collectie. Hij wordt echter voor deze baan vervangen door Gérald Forton. Daarna nam hij van 1959 tot 1968 de serie ‘Modeste et Pompon’ over , oorspronkelijk gemaakt door Franquin. Na zijn vertrek uit Kuifje in 1968 begon Attanasio voor de Nederlandse markt te werken en creëerde de serie ‘Johnny Goodbye’ met Martin Lodewijk en Patty Klein voor Eppo en Pep, met ‘Bandoneon’ (met Delporte) in Pep en met ‘De Macaroni's ‘(met Dick Matena), maar ook voor Italiaanse tijdschriften met ‘Ambroise et Gino’ in Corriere dei piccoli. Van 1974 tot 1986 nam hij opnieuw de Spaghetti -serie op zich in Formule 1, gepubliceerd in albums van Archers. In 1991 creëerde Attanasio een komische bewerking van Boccaccio 's literaire klassieker ‘Decameron’ met zijn zoon, uitgegeven door Lefrancq. In 1994 nam hij de serie Bob Morane voor slechts één verhaal over. Sindsdien zijn nieuwe werken zeldzamer geworden en hebben sommige uitgevers sommige van zijn werken herontdekt, zoals ‘Carnets de route’ in 1999 door Point Image en sinds 2002 enkele korte verhalen die oorspronkelijk werden gepubliceerd in Kuifje , door Loup.
