In dit boek staan verhalen die nog nooit eerder in druk zijn verschenen. Ze zijn afkomstig uit Zaïre, een land dat tachtig keer zo groot is als Nederland of België. Het zijn heel andere verhalen dan wij gewend zijn. De mensen in de Afrikaanse dorpen vertellen elkaar vreemde avonturen. Ze leggen elkaar van alles uit door middel van verhalen, bijvoorbeeld waar het leven en de dood vandaan komen, waarom de wesp een wespetaille heeft of waarom honden aan elkaars achterste snuffelen. De bliksem of een baard of een oor kunnen een eigen leven gaan leiden als zelfstandige personages. Dingen worden zo maar levend in de fantasie van de Afrikaanse verteller. Ook goden, geesten, toverkracht en de natuur spelen vaak een rol. Er blijkt ook uit dit boek hoe kwetsbaar mensen zijn, wanneer honger, ziekte en armoede vijanden zijn die altijd op de loer liggen. Door het lezen van hun verhalen kunnen we de mensen in Afrika wat beter leren kennen.
