De Kleine Zeemeermin gaat over Ariël, een mooie, jonge zeemeermin, die verliefd wordt op Eric, een knappe prins uit de mensenwereld. Ariël redt Eric van de verdrinkingsdood. Hij wil weten wie hem gered heeft, maar hij kent enkel en alleen haar hemelse stem. Zijn hond Max verraadt haar nog bijna. Haar vader, koning Triton, verbiedt haar om terug naar boven te gaan; mensen zijn onrespectvolle wezens, die alleen maar ongeluk brengen volgens hem. Ariël besluit om naar de zeeheks Ursula te gaan, die haar zeker kan helpen.
Ursula geeft haar benen op twee voorwaarden: Ariël moet haar stem afstaan en Ariël moet Eric binnen drie dagen een liefdeskus geven. Zo niet, dan wordt ze opnieuw zeemeermin en wordt ze door Ursula gevangen genomen. Samen met Botje, de gele vis, en Sebastiaan, de rode krab, probeert ze in haar doel te slagen. Wanneer dit dreigt te lukken, veranderd Ursula zich in een mooie vrouw om roet in het eten te gooien. Ze slaagt erin Eric en Ariël lang genoeg uit elkaar te houden. Ariël verandert weer in een zeemeermin, en Ursula neemt haar mee. Dan wordt haar echte plan duidelijk: ze wil middels Ariël de macht van koning Triton krijgen. Ursula confronteert Triton, en dwingt hem om Ariëls plaats in te nemen als Ursula's gevangene. Ursula wordt daarmee heerser over alle zeeën. Een moedige Eric zorgt ervoor tijdens een stormachtig en spannend gevecht dat Ursula wordt gedood en Triton zijn krachten terugwint. Triton geeft Ariël dan zelf waarvan zijzelf altijd heeft gedroomd: mensenbenen. Zo kan ze trouwen met haar prins.
