Annie Winkler-Vonk, die al een aantal jeugdboeken van uiteenlopende aard op haar naam heeft staan, heeft haar fantasie vooral uitgeleefd in vele korte verhalen. Ook al van zeer uiteenlopende aard. Vandaar de voor deze bundel zo tekenende naam: ‘Van de hak op de tak’. Een rijke bron van voorleesverhalen, maar ook van verhalen die kinderen zelf kunnen lezen. In deze vertelsels worden de hoofdrollen vervuld door vrijwel alles wat de fantasie van een schrijver kan prikkelen. Er zijn ‘echt gebeurde’ verhalen over kinderen en grote mensen. Er zijn sprookjes, er zijn verhalen over echte dieren en over sprookjesdieren. Dieren vooral bezetten een grote plaats in het hart van deze schrijfster. Maar ook bomen, planten en verder van alles en nog wat zijn onderwerpen, waar omheen een verhaal kan ontstaan, zodat hier waarlijk een schat aan kinderverhalen van allerlei slag bijeen werd gebracht.
