Middenin de duinen is een vierkant zwart vlak. Quirijn en Jan vragen zich af waar het voor dient. Het is in ieder geval prima als glijbaan. Quirijn trekt zijn schoenen uit en neemt een aanloop. Jan doet het hem onmiddellijk na. Het gaat heerlijk. Dan begint de vloer te trillen. Eerst een klein beetje, maar het wordt steeds sterker en tenslotte wordt het trillen zo erg dat ze elkaar zelfs niet meer goed kunnen zien. Jan is een blauwe vlek en Quirijn is blauw met donkerrood. En dan zien ze niets meer. Quirijn en Jan belanden op voor hen onverklaarbare wijze in Ierland, op hun sokken. En met kapotte sokken van het lopen komen ze in een gehuchtje terecht waar ze worden opgevangen en moeten helpen bij het werk op het land. Ze proberen contact te leggen met Nederland, maar dat is niet zo eenvoudig. Het blijkt dat ze getransporteerd zijn door een tijdmachine. En de eigenaars van die machine krijgen het flink benauwd wanneer ze denken dat hun experiment met mensen is mislukt.
