Kariboe is een jonge vrouw die zich angstvallig afzijdig houdt van de stammen die meestal, maar niet altijd, broederlijk samenleven.
Doorgaans is het in de omgeving waar ze haar sjamanistische praktijken bedrijft echter vredig toeven, tot haar halfzuster Branja haar dwingt de opvoeding op zich te nemen van een trangl, een mens die naar believen de gedaante van een rendier kan aannemen.
Al gauw blijkt dat haar pleegkind een voorbode is van rampspoed. Als de jongeling volwassen is, teisteren aardschokken het land en maken jacht en landbouw onmogelijk. Het rendiervolk ziet geen andere mogelijkheid dan, voorgegaan door de trangl, elders een veilig heenkomen te zoeken.
Terwijl de grond vuur spuwt, volgen ze hem op een tocht door magische streken, door de muur van de Trollenvrouw heen en naar de burcht van de Vuurkoning. Want alleen daar is een antwoord te vinden op de gevaren die het rendiervolk bedreigen, alleen daar kan Kariboe rust brengen in de onvrede die woelt in haar hart.