In het begin worden de jongensjaren van Wolf beschreven, maar al in hoofdstuk twee is Wolf oud genoeg om zijn rijbewijs te halen, en zodra hij gaat reizen gaat de tijd per dag. Er zijn dus een paar tijdsprongen.
Wolf is een jongen die graag zingt en danst (liefst met andere jongens) maar dat vindt men in zijn dorp vreemd, op zijn oom Victor na. Als oom Victor overlijdt, laat deze aan Wolf een woonwagen en wat geld na zodat Wolf de wereld in kan trekken en met zingen en dansen zijn geld kan verdienen. Wolf trekt de wereld in en laat zijn ouders achter.