Het is een vrije dag in kabouterland. Wipneus en Pim gaan daarom met de Zilveren Vis op de Sprookjeszee varen. Ze komen in slecht weer terecht en de Zilveren Vis gaat ook nog eens kapot. En zo drijven ze stuurloos rond. Gelukkig lukt het om op een eiland te komen; het lijkt onbewoond. Wel is er een put. Wipneus en Pim ontdekken dat het een wensput is. Dat komt goed uit, want zo kunnen ze wensen dat de Zilveren Vis het weer doet. Ze varen nog een rondje om het eiland, maar ontdekken geen bewoners. Ze gaan nog een keer terug naar het eiland en dan blijkt er toch iemand te wonne. Het is Trollie uit het land van koning Guldemond. Hij zit hier voor straf, omdat hij fruit heeft gestolen.
Het gaat slecht met circus Snorrini. Niemand komt nog kijken. Het circus staat in het bos om te ovrenachten. De boeven Brambel en Brombel sluipen rond; zij willen de pony's van het circus stelen. De oude circustijger Peggie voorkomt dit. Maar … de volgende ochtend blijkt Peggie verdwenen! Wipneus en Pim komen een kijkje nemen bij het circus. Ze worden gevangen door Freek, de clown, die denkt dat ze dieven zijn. Als ze praten met Snorrini en vertellen van al hun avonturen, komt alles weer goed. Daarna gaan ze met z'n allen naar het paleis. Koning Goehart heeft een zere kies die er eigenlijk moet. Dokter Pillendoos zegt tegen de koning dat hij drie dagen gele pap moet eten en dan kan de kies eruit. Maar helaas, de koning lust helemaal geen pap.
Het is feest in Sprookjesland. Prins Wipneus is jarig; hij wordt 15 jaar. Er zijn veel gasten en natuurlijk krijgt Wipneus veel cadeautjes. Het mooiste cadeau is de Wonderauto die Wipneus krijgt van kabouter Alfabet. Wipneus krijgt ook veel brieven. Zo ook een van Els van de Heuvel uit mensenland. Zij schrijft dat prinses Valeria, de dochter van koning Reinoud in de mensenwereld, ernstig ziek is. Is er in Sprookjesland misschien iemand die kan helpen? Wipneus en Pim gaan met de Wonderautop op pad.
