Boek/4397165
Semantic MediaWikiDit bericht verdwijnt nadat alle relevante taken zijn afgerond.

Er is één onvoltooide of openstaande taak, die nodig is om het bijwerken van Semantic MediaWiki te voltooien. Een beheerder of gebruiker met voldoende rechten kan deze uitvoeren. Dit moet worden gedaan voordat nieuwe gegevens worden toegevoegd om tegenstrijdigheden te voorkomen.

 
 
(Een tussenliggende versie door dezelfde gebruiker niet weergegeven)
Regel 1: Regel 1:
Britannia, 122 na Christus.


Fiona, genezeres van de Keltische Dorsairean, ziet haar duistere visioenen tot leven komen als het dorp wordt aangevallen door een Romeinse centurion. Zijn extreme haat voor haar volk is buitenzinnig en vreemd. Als ook buurstammen het plotseling op haar dorp hebben voorzien, vermoedt ze dat iemand van haar eigen volk zijn  gaven misbruikt om de stam weg te vagen.
Er rest Fiona uiteindelijk geen andere keus dan met haar stam te vluchten van de plek die eeuwenlang hun thuis is geweest. De tocht voert door een door oorlog verwoest land en wordt bemoeilijkt door hongersnood, sabotage en moord.
De godin dwingt Fiona om haar gave te bundelen met Kieran – eerste krijger en Kai – en Sinclair, die als gedaantewisselaar dodelijker is dan de sterkste krijger. Belisama biedt haar een sleutel aan om het kwaad te vernietigen. Het blijkt echter een geschenk met diepgaande gevolgen.
ws-page-props
Regel 14: Regel 14:
|OmslagIllustraties=Shutterstock: Sabphoto/KDdesign_photo_video/Pineapple Studio/Peyker/Golubovy/Kichigin
|OmslagIllustraties=Shutterstock: Sabphoto/KDdesign_photo_video/Pineapple Studio/Peyker/Golubovy/Kichigin
|Opmerking=Kaarten: Johannes Lime
|Opmerking=Kaarten: Johannes Lime
|Cover=Dorsairean-de-charlotte-de-winter-2026-1-423414-1786741193.jpg
}}
}}

Huidige versie van 14 aug 2026 21:00

Britannia, 122 na Christus.

Fiona, genezeres van de Keltische Dorsairean, ziet haar duistere visioenen tot leven komen als het dorp wordt aangevallen door een Romeinse centurion. Zijn extreme haat voor haar volk is buitenzinnig en vreemd. Als ook buurstammen het plotseling op haar dorp hebben voorzien, vermoedt ze dat iemand van haar eigen volk zijn gaven misbruikt om de stam weg te vagen.

Er rest Fiona uiteindelijk geen andere keus dan met haar stam te vluchten van de plek die eeuwenlang hun thuis is geweest. De tocht voert door een door oorlog verwoest land en wordt bemoeilijkt door hongersnood, sabotage en moord.

De godin dwingt Fiona om haar gave te bundelen met Kieran – eerste krijger en Kai – en Sinclair, die als gedaantewisselaar dodelijker is dan de sterkste krijger. Belisama biedt haar een sleutel aan om het kwaad te vernietigen. Het blijkt echter een geschenk met diepgaande gevolgen.