Na vier romans en een lang verblijf in Nederland keert Richard Powers, de fictieve hoofdpersoon van Galatea 2.2, terug naar de Verenigde Staten. Hij wordt er 'gasthumanist' aan het Instituut voor Studies van de Hogere Wetenschappen. Daar wordt hij betrokken bij een merkwaardig, maar onweerstaanbaar project: het opleiden van computergestuurde neutrale netwerken tot het afleggen van een volwaardig examen in de Engelse literatuur. Powers traint de computer in het werk van Caucher, Austen en James, een stoomcursus die hem veel successen oplevert. Het apparaat wordt steeds wijzer, totdat het op zeker moment zijn naam, geslacht en bestaanreden wil weten. Op pijnlijke wijze wordt Powers geconfronteerd met zijn eigen literaire roeping, zijn mislukte relatie met een ex-leerlinge en zijn toenemende geobsedeerdheid met een tweeëntwintigjarige studente tegen wie zijn cybernetisch Helena het zal moeten opnemen. Galatea 2.2 is een briljante herschepping van 'Pygmalion' en bevestigt Powers' reputatie
