Versie door Jan Meeuwesen (overleg | bijdragen) op 27 aug 2025 om 10:43 (Jan Meeuwesen)
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)

Boek/-335954099

Nu verdrink ik, dacht de visser en hij keek nog eenmaal naar de wereld boven water. Hij zag de laatste vissenbek wijd opengaan: hij zag een rood-gouden kop tevoorschijn komen; hij zag een diamanten oog glinsteren. Toen zakte hij weg in de golven. De zoute goudvis, dacht de visser. Ik heb hem gezien, maar ik was te laat.